Langwerkende insuline

Wij krijgen vaak in onze lessen te horen dat alle insulinesoorten toegediend worden in de buik of het been. Waarom? Omdat dat makkelijk is. Een plek waar je altijd bij kan. Maar mag dat eigenlijk wel? Wij vertellen je er meer over in deze blog van Zuster-055!

Insuline

Voordat wij naar de insulinesoorten en toedieningen toegaan, is het misschien eerst handig het één en ander van insuline af te weten.

Insuline is een hormoon dat er voor zorgt dat je bloedsuikerspiegel, ook wel bloedglucose genoemd daalt. Je lichaam maakt van bloedsuiker energie en dat zorgt ervoor dat wij goed kunnen leven. Insuline zorgt ervoor dat de bloedsuikers goed kunnen worden opgenomen in ons lichaam.

Hoe wordt insuline gemaakt

De Alvleesklier maakt insuline aan. Deze insuline komt terecht in je bloed. Vanuit het bloed zorgt het ervoor dat het door heel je lichaam stroomt. Aan de buitenkant van elke cel van het lichaam zit een soort ‘uitkijkpost’ voor insuline. Zodra die insuline ziet langskomen in het bloed, geeft hij een seintje aan de cel, zodat de deur opengaat om bloedsuiker binnen te halen.

Verstoring bij de aanmaak van insuline

Wanneer er sprake is van diabetes, is de aanmaak van insuline verstoord of zijn de cellen in het lichaam minder gevoelig geworden voor insuline. Hierdoor nemen de cellen de suikers niet meer goed op en stijgt het suikergehalte enorm in het bloed. Het toedienen van insuline zal dan noodzakelijk zijn om deze bloedsuikerspiegel weer op peil te krijgen.

Soorten insuline

Je hebt verschillende soorten insuline. Humaan en Analoog. Humaan, afkomstig van human, is menselijke insuline. Analoog is kustmatige insuline.  Daarnaast maken wij onderscheid in kortwerkende, langwerkende insuline en alles daar tussenin.

Als je denkt dat we er dan zijn. Nee. Er zijn ook nog verschillende insulinepennen.

  • Voorgevulde pennen: Deze zijn vanuit de apotheek al aangeleverd met insuline. Wanneer de pen leeg is gooi je deze weg en pak je een nieuwe.
  • Navulbare pennen: Deze pennen bevatten een patroon die je kan vervangen als hij leeg is.
  • Naaldloze pennen: Dit is één van de nieuwste manieren om te injecteren. Hieronder een filmpje van deze manier van injecteren.

Het toedienen van insuline

Ja en dan komen we bij het toedienen van insuline. Iets wat vrij éénvoudig lijkt, maar het zeker niet is. Het vergt goede kennis en ook bekwaamheid om insuline op de juiste manier toe te dienen.

Er zijn verschillende manieren van insulinetoediening. Zo heb je toediening via een pennaald, maar ook toediening door midden van een insulinepomp. In deze blog houden wij het bij de insulinetoediening via een pennaald.

Wat velen niet weten, is dat je niet alle insulinesoorten zomaar in de buik of het been mag toedienen. Hier is een standaard voor en die is als volgt.

  • Spuit ultra kortwerkende en kortwerkende insuline in de buik
  • Spuit middellang en langwerkende insuline in het bovenbeen of de bil
  • Spuit mix-insulines ‘s morgens in de buik en ‘s avonds in het been.

Duur werking insuline

Waarom zou je je aan deze standaard moeten houden vraag jij je misschien af? Dit heeft te maken met hoe snel en hoe lang de desbetreffende insuline moet werken.

  • Kortwerkende insulines werken binnen 10-30 minuten en werken 2 tot 8 uur lang
  • Middellangwerkende insulines binnen 1-2 uur, 16 tot 24 uur lang
  • Langwerkende insulines werken binnen 1-2 uur, 24 uur lang
  • Mix insulines werken allemaal anders. Dit is afhankelijk van welke je hebt.

Een kort voorbeeld: Mevrouw Janssen heeft lang werkende insuline en krijgt deze in haar buik toegediend. ‘s nachts wordt mevrouw Janssen wakker en is zij helemaal niet lekker. Bij het meten van haar bloedsuiker blijkt dat de insuline al helemaal uitgewerkt is. Dat klopt. Mevrouw Janssen had in haar been of bil gespoten moeten worden. Nu is de insuline die 24 uur moest werken al uitgewerkt na 8 uur.

Kortwerkende insulinesoorten: Actrapid, Apidra, Fiasp, Humalog, Humuline Regular, Aspart, Lispro, Insuman Implantable, Insuman Infusat, Insuman Rapid, Lyumjev en Novorapid.

Langwerkende insulinesoorten: Lantus, Levemir, Toujeo, Tresiba en Abasaglar.

Mix-soorten: Actraphane, Humuline, Humalog Mix, Insuman Comb, Mixtard en Novomix.

Conclusie: Ga nooit zomaar iets op eigen initiatief doen of uit gemak. Kijk naar de zorgvrager en kijk naar wat hij of zij voor insuline krijgt. Weet je het niet zeker? Zoek het dan op.

 

Wat je voorafgaand altijd moet doen

  • Check of je de juiste insuline hebt en controleer alle gegevens van zowel het medicijn als de zorgvrager. Voer met jouw collega de dubbele controle uit. Niet dubbel gecontroleerd? Dan ook niet toedienen. Wacht op elkaar. Ook het voorafgaand opdraaien van een insulinepen is niet toegestaan!
  • Observeer de huid van de zorgvrager altijd voor het injecteren. Je observeert op tekenen van een verandering van de huid en het onderhuids bindweefsel. Injecteer nooit in een beschadigde huid.
  • Zwenk de insulinepen wanneer je troebele insuline hebt minstens 10 keer heen en weer. Doe dit totdat het een volledig gemengd, egaal uitziende wittige substantie is. Dit is om afwijkingen in de samenstelling van de insuline te voorkomen.
  • Zitten er nog maar 12 eenheden in je troebele insulinepen? Gooi dan de pen weg.  Bij minder dan 12 eenheden kan de insuline niet meer mengen.
  • Controleer of de injectiepen en de naald het doen. Dit wordt ook wel functietest genoemd. Dit doe je door insuline weg te spuiten tot je een druppel aan de pennaald ziet. Meestal zijn twee eenheden wegspuiten voldoende. Soms is er minder of meer nodig.
  • Spuit de insuline altijd weg op een gaasje of in de naaldencontainer, maar doe dit nooit boven de wasbak. Je mag nooit medicijnen in de gootsteen wegspoelen.

 

Aandachtspunten voor na het injecteren

  • Laat de pennaald minimaal 10 seconden in de huid na het toedienen van insuline, om eventuele lekkage te voorkomen.
  • Masseer de huid nooit na het injecteren. Massage kan ervoor zorgen dat de insuline niet goed wordt opgenomen.
  • Haal de pennaald direct van de insulinepen af zodra de naald uit de huid verwijderd is. Dit voorkomt lekkage van insuline uit de penvulling en het voorkomt dat er lucht in de penvulling komt.

Aandachtspunten bij insuline 

Spuitplekken

Pas om met spuitplekken. Dit noem je ook wel lipodystrofie. Door vaak te injecteren op dezelfde plaats, kunnen er spuitplekken ontstaan. Het komt heel vaak voor.

Eigen insulinepen

Een insulinepen is altijd op naam en gegevens van één zorgvrager. Iedere zorgvrager die insulineafhankelijk is heeft zijn of haar eigen insulinepen. Gebruik dus nooit één pen voor meerdere zorgvragers.

Injecteer insuline niet te snel in

Dien insuline altijd langzaam toe, tenzij anders aangegeven. Wanneer je te snel de hoeveelheid insuline injecteert kan het niet goed worden opgenomen.

Meer weten over insuline en diabetes? Kom dan naar één van onze cursussen!

Referenties

4 Comments

    1. Goedemorgen Irma,

      Wat leuk dat je onze blog over het toedienen van insuline hebt gelezen!

      Ik denk dat je opzoek bent naar de maximale eenheden die je per keer mag toedienen? Insuline-oplossing wordt meestal geleverd in een sterkte van 100 IE/ml. Deze sterkte is internationaal gelijk, zodat vergissingen worden voorkomen. Op dit moment is er geen standaard afspraak bekend voor het maximaal aantal eenheden dat je per keer injecteert. Lees daarom de bijsluiter van de insuline altijd goed. Je kunt de insulinedosis splitsen bij problemen met de toediening en lekkage. Je kunt dit ook doen bij huidschade en pijnklachten. Je gebruikt dan steeds een nieuwe naald.

      Wel is het zo dat er vanaf 1 juni 2020 een protocol geld voor de volgende insulinesoorten:
      – Tresiba: Maximaal 80 EH per keer
      – Abasaglar: Maximaal 80 EH per keer
      – Toejeo: Maximaal 80 EH per keer

      Zie voor referenties:
      – EADV (2017). Het toedienen van insuline met de insulinepen (Herziening van de versie uit 2008). Utrecht: EADV.
      – Nederlands Huisartsen Genootschap (2018). NHG-standaard Diabetes mellitus. Vierde (partiële) herziening. Utrecht: NHG.
      – Strauss, K. (2012). WISE recommendations to ensure the safety of injections in diabetes. Diabetes & Metabolism, 38, S2-S8.
      – Kreugel, et al. (2013). Meer veiligheid in het ziekenhuis met veilige pennaalden. EADV Magazine.
      – BD (2010). Nieuwe aanbevelingen voor injecties bij mensen met diabetes. Erembodegem: BD. Gebaseerd op: Frid, A., Hirsch, L., Gaspar, R., et al. (2010). New injection recommendations for patients with diabetes. Diabetes & Metabolism, 36, S3-S18.

      Met vriendelijke groet,
      Daphne Verbeet
      Algemeen directeur Zuster-055
      Docent, trainer en auteur

  1. Beste mevrouw,
    Nav het blog, interessant overigens, heb ik een vraag. Een client wil haar langwerkende insuline (Lantus) niet in haar bil geprikt hebben maar in haar bovenbenen is nauwelijks onderhuids bindweefsel te vinden, de huid is dun en regelmatig komt er een druppel bloed na het injecteren.
    Zijn er kortere naaldjes mogelijk voor toediening in het been?
    Olga

    1. Goedemorgen Olga,

      Bedankt voor het reageren op onze blog. Wat vervelend te lezen dat jouw zorgvrager zoveel hinder ervaart bij het spuiten.
      Er zijn zeker andere naaldjes. Één die ik je graag aanraad is: BD AutoShield™ Duo Het is een naaldje van nog geen 1 cm en is daarnaast ook nog eens een veiligheidsnaald.

      Met vriendelijke groet,
      Daphne Verbeet
      Algemeen directeur Zuster-055
      Docent, auteur en zorgverlener

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.